Het appartement is klaar, zegt de aannemer. Maar de eigenaar komt er al jaren niet in
Drie opdrachtgevers lieten samen een appartementencomplex bouwen. Twee wonen er inmiddels. De derde staat voor een voordeur waarvan het slot steeds weer wordt vervangen. Is hij nu echt nog geld schuldig?
Het appartement is klaar. Dat zegt de aannemer zelf.r.o. 5.22
Toch kan de eigenaar er niet in. Sinds februari 2022 krijgt hij geen toegang meer tot het complex waarin zijn woning ligt. De sloten van de gemeenschappelijke voordeur zijn vervangen.r.o. 3.14
Zijn twee medebouwers wonen inmiddels in hun appartementen. Zijn eigen woning, op de derde en vierde verdieping, staat volgens de rechtbank al bijna drie jaar leeg.r.o. 3.1r.o. 3.18r.o. 5.32
Drie bouwers, één complex
Het plan was gezamenlijk. Drie opdrachtgevers lieten een complex bouwen dat werd gesplitst in drie appartementen.r.o. 3.1
In 2019 tekende de man twee offertes van de eenmanszaak van de aannemer: in juli voor € 300.000,- en in oktober een aangepaste versie voor € 270.000,-, beide inclusief btw. Daarna werden nieuwe afspraken gemaakt met het bouwbedrijf, een bv. Dat bedrijf bouwde, stuurde de facturen en kreeg ze steeds betaald.r.o. 3.2r.o. 3.3r.o. 3.4r.o. 3.7
Nog voor de bouw begon, besloten de opdrachtgevers en het bouwbedrijf samen om de lift en het trappenhuis van plek te wisselen. Zo zou de glazen voorkant beter tot zijn recht komen. Die keuze speelt later nog een rol.r.o. 3.9
Op een paar kleine puntjes na
In november 2021 eiste de advocaat van het bouwbedrijf € 38.606,50. Tot die achterstand was ingelopen, bleef het werk stilliggen.r.o. 3.8
Een jaar later schreef het bedrijf dat de bouw gestaakt was, ook vanwege een procedure tussen de man en zijn medebouwers. Het werk pas worden hervat na betaling. Over de lekkages waarover hij klaagde: daarvoor moest hij bij zijn buren zijn. En de opdracht zelf? Die was volgens het bedrijf:r.o. 3.13
“nagenoeg gereed op een paar kleine puntjes na” Uit de uitspraak r.o. 3.13
In maart 2024 volgde een nieuwe eis, nu van € 67.550,-. Daarin zat ook schadevergoeding, onder meer voor water- en gevolgschade door werk dat de man aan zijn dakterras had laten doen. Bij de rechter vroeg het bouwbedrijf uiteindelijk € 44.573,56.r.o. 3.19r.o. 4.4
Buiten voor de eigen deur
Ondertussen stond de man buiten. In een poging toch binnen te komen, boorde hij de cilinder deels uit de voordeur. Daarna volgden kort gedingen over die ene deur.r.o. 3.14r.o. 3.15r.o. 3.16
Een contract dat niemand kan laten zien
Het bouwbedrijf vond dat het niet hoefde op te leveren zolang de man niet betaalde. Maar wat was de afgesproken prijs eigenlijk? Het bedrijf noemde € 322.867,90, de man € 308.101,70.r.o. 5.10r.o. 5.12
De overeenkomst zelf kon het bouwbedrijf niet laten zien. Het had op de zitting geen toegang tot de eigen financiële administratie: die lag bij een voormalig compagnon met wie het een geschil had. Het bedrag in de advocatenbrief bleek teruggerekend uit facturen.r.o. 5.12
Volgens het bedrijf was er één factuur niet betaald. Welke, wist het niet. Bovendien hoefde de laatste 5% van de aanneemsom pas bij oplevering te worden betaald en dat had het bedrijf in zijn eis niet meegenomen, gaf het toe.r.o. 5.13r.o. 5.14
Een betalingsachterstand was dus niet vast te stellen. Daarmee mocht het bedrijf de oplevering niet uitstellen en ook de deur niet dichthouden tot er betaald was. De gestelde schade door het werk aan het dakterras was evenmin onderbouwd.r.o. 5.15r.o. 5.18r.o. 5.28
De wand op de derde verdieping
Na een gemeentelijke inspectie op 28 april 2022 moest de man aanpassingen doen. Daardoor kwam een deel van de gemeenschappelijke ruimte op de derde verdieping bij zijn woning. Een medebouwer probeerde dat via de rechter terug te draaien, maar kreeg geen gelijk, ook niet bij het gerechtshof.r.o. 3.10r.o. 3.11
Het bouwbedrijf vond dat oplevering daardoor onmogelijk was. De rechter niet: het bedrijf had het werk zelf uitgevoerd zoals opgedragen, inclusief de wand. Of het gebouw nog klopt met de splitsingsakte, moeten de appartementseigenaren onderling oplossen. Daar kan een aannemer zich niet op beroepen.r.o. 5.19r.o. 5.21
Ruimschoots de tijd
Bij de start in het najaar van 2019 werd de bouwtijd geschat op achttien maanden. Volgens het bedrijf zelf was al het werk sinds december 2023 klaar. Dan is 3 oktober 2024 een redelijke termijn, oordeelde de rechter. Door niet op te leveren, schoot het bouwbedrijf tekort.r.o. 5.22
Niet alles ging de kant van de man op. De eis tegen de aannemer in privé werd afgewezen, omdat hij met het bouwbedrijf had gecontracteerd. De € 22.098,30 die hij te veel zou hebben betaald, kreeg hij niet terug: zonder vaststaande prijs valt dat niet te berekenen. En zijn eis van € 2.500,- aan verbeurde dwangsommen was verjaard, wat hij zelf erkende.r.o. 5.5r.o. 5.34r.o. 5.35
De rechter merkte nog op dat tussen de betrokkenen bij deze bouw al lange tijd en veelvuldig wordt geprocedeerd.r.o. 5.40
- Het bouwbedrijf moet de man en door hem ingeschakelde derden binnen drie dagen na betekening en daarna telkens binnen drie dagen na verzoek, toegang geven tot het complex. Anders volgt een dwangsom van € 5.000,00 per dag, tot maximaal € 50.000,-.r.o. 6.2r.o. 6.3
- Het bedrijf moet de sleutels afgeven en de sloten niet meer veranderen, op straffe van dezelfde dwangsom. Werkt het niet mee, dan mag de man zich met een slotenmaker of deurwaarder toegang verschaffen.r.o. 6.4r.o. 6.5r.o. 6.6
- Het bouwbedrijf moet de schade door de te late oplevering vergoeden. Hoe hoog die is, wordt in een aparte schadestaatprocedure bepaald; de gestelde lekkageschade valt daarbuiten.r.o. 6.7r.o. 5.32
- Het bouwbedrijf betaalt de proceskosten: € 2.151,57 en € 1.290,00, plus € 296,00 aan nakosten.r.o. 6.8r.o. 6.12r.o. 6.13
Bron & verantwoording
- Instantie
- Rechtbank Amsterdam
- Uitspraak
- 8 July 2026
- ECLI
- ECLI:NL:RBAMS:2026:7179
Dit verhaal is gebaseerd op deze ene uitspraak. Alle feiten komen uit de uitspraak zelf; met "Toon bronverwijzingen" zie je bij elke alinea op welke rechtsoverwegingen die steunt. De Rechtspraak heeft de namen weggelaten en wij zoeken ze niet op. Een andere rechter kan in een vergelijkbare zaak anders beslissen. Dit is geen juridisch advies. Hoe wij werken · Redactie